Fictie, of niet?door Imane Karroumi

Soet 2015
12-14
bitter

Vanwaar kwam die toch vandaan,

of was 'ie pas gekomen?

Maar ik weet het zeker,

dat 'ie bleef staan,

aan het staren,

diep in mijn ogen.

Geen enkele stap dat ik nog durfde te zetten,

of nog maar op het geluid durfde te letten.

Mijn ogen sluiten deed ik niet,

hij keek immers, hij ziet

dat ik hier vreesde voor hem,

en dat ik mijn stem

niet wou laten horen,

dat ik wou laten zien,

dat mijn stem is ingevroren.

Bovendien,

is het of hij of misschien zij, wel echt?

Of droom ik in mijn nachtmerries,

waarin ik vecht

tegen de agressies,

van die kwade mensen,

die met hun stiekeme lenzen,

mij recht in de ogen probeerden aan te kijken,

en zo onschuldig probeerden te lijken...

Maar mijn (onnuttige) angst probeerde ik te overwinnen,

want wie heeft gezegd dat ik niet aarzelen kan?

Want ik zou er zeker als eerste mee beginnen,

om iets te bedenken, zoals een aanvalsplan.

Of misschien waren ze echt,

en probeerde ze me bang te maken,

en zo mij in de war te brengen,

over die echte , of juist “fictie-zaken”.

Moest ik nu de duur van mij geduld verlengen,

of juist mijn angst inhaken?

Ik weet het niet meer,

zelfs de sfeer,

die zo idyllisch leek te zijn,

integendeel,

het deed zelfs pijn,

om in de war te zijn,

en mijn emoties dwarrelden door elkaar,

en mijn ogen wogen zwaar.

Zij(mijn ogen) vroegen toestemming om te sluiten,

maar mijn angst in mijn buik weigerde,

die angst voor die kwade, die buiten,

al mijn gedachten en emoties aaneengespijkerde.

Maar de ogen hadden controle over zichzelf,

die alles stil probeerde te leggen,

vanzelf,

probeerden, diegene die kwaad deden,

vaarwel te zeggen,

 

tegen de door mij ingebeelde mensen...