wegdoor Hanne Witters

Soet 2015
12-14
emoties

Vliegen.

hoog, hoger hoogst

 

Lopen.

snel, sneller, snelst

 

Roepen.

luid, luider, luidst

 

Niemand houdt je tegen,

niemand houdt je vast.

 

Niemand praat je moed in,

niemand zegt je dag.

 

Maar niemand is iemand,

iemand heel ver weg.

En die iemand

laat je nooit meer los.