Avaritiadoor Jan Costers

seizoen 2012-2013
12-14
bitter

Waar de vergulde doornkroon
de schedel van de vader licht doorboort,
ontsnapt een scharlaken druppel die zich,
langzaamaan, een weg baant doorheen
de groeven van zijn verwrongen voorhoofd.
Aangekomen bij het oog,
vermengt ze zich met een net ontrolde traan
om samen over de vertrokken mondhoek te glijden
en zich, steeds sneller bewegend, van zijn kin te werpen.
Traan en bloed vermengd, komen neer
op het gelaat van zijn dochter
met een geluid dat hard weerklinkt
in de edelmetalen zaal van zijn eenzame paleis.
Maar de druppel beroert haar gouden huid niet langer
en haar blinde ogen, gemaakt van schitterend glas,
blijven eeuwig staren naar de gulden troon,
vervloekt door de gouden koning,
vervloekt door koning Midas.