De lotgevallen van de snoodaardsdoor Andrea Derese

Soet 2019
18+
bitter

Wanneer ik doodga, neemt de dood me mee naar zijn onderwater penoze.

Een wereld met ondersteboven hangende kastelen,

tempels van vermist goud en

schedels, opgestapeld als een berg appels.

Mijn lichaam was niet meer dan de drager van mijn ziel.

Nu ze mij hebben meegenomen,

is het slechts een flakkerend lampje

ter grote van een fruitvlieg.

Toen er nog lucht zat in mijn plastieken longen

en mijn stenen hart klopte,

had ik een kappot gekerfde kerfstok.

Ik was een immoreel individu.

Droeg haat als een hanger om mijn hals.

Branden mijn vleugels als heilige kaarsen aan zondes.

Door mijn aderen stroomde onrein water.

Als ik moest, dan kroop ik als een laf dier in mijn harnas van krantenpapier.

Maar ze scheurden hem open.

Nu hang ik, net zoals alle snoodaards,

in een vogelkooi midden in een kasteel ondersteboven.